Met William Blake in Londen

Dichter/kunstenaar/visionair William Blake werd in 1757 in Londen geboren. Tijdens een wandeling blijkt hoezeer zijn gedachtegoed verbonden is met zijn stad.

Popgroep The Doors dankt zijn naam aan hem, Engelse voetbalhooligans brullen zijn lied Jerusalem bij iedere wedstrijd en Amerikaanse musea bieden miljoenen voor zijn schilderijen. Toch is multitalent William Blake nooit populair geweest bij het grote publiek. Dat krijg je ervan als je niet meehobbelt met de meute.

Blake was een hippie voordat het woord werd uitgevonden. Hij zat samen met zijn vrouw naakt in de tuin terwijl de rest van de westerse wereld een blote enkel al uitdagend vond. En als je dan ook nog heilig gelooft in je eigen visioenen van engelen en demonen die je altijd tegenkomt in de straten van Londen, word je al snel afgeschilderd als een zonderlinge gek.

Of als genie. Door een kleine maar hardnekkige schare fans wordt William Blake op handen gedragen. Niet alleen Jim Morrison, zanger van The Doors, werd door hem geïnspireerd, ook de band U2 nam gedichten van hem op. En de Britse bestsellerschrijver Philip Pullman laat zich voor menig boek beïnvloeden door Blakes mystieke, intense werk en zijn unieke persoonlijkheid.

Hoe is Blake zo geworden?

Vanaf het prille begin was hij al anders. Hij kwam op 28 november 1757 ter wereld in een onconventioneel gezin in 28 Broad Street, Soho. Al woonden zij in een volksbuurt, de Blakes hadden het niet slecht. Zijn vader bracht met zijn lingeriezaak genoeg geld in het laatje.

Qua uiterlijk was Blake een apart jongetje; hij had een gigantisch voorhoofd en joekels van ogen. Later schreef hij de frustraties over zijn uiterlijk van zich af in het gedicht Mary: 'O, why was I born with a different face? Why was I not born like this envious race?'

Terwijl leeftijdgenootjes tikkertje speelden, zat Blake te tekenen, te schrijven of te lezen, van Shakespeare tot en met de Bijbel. Hij wandelde ook graag, struinde uren door de stad. Veel van zijn gedichten zijn gebaseerd op de dingen die Blake als jongetje tijdens zijn tochten tegenkwam.

Vooral onrecht dat de inwoners werd aangedaan, stelde hij graag aan de kaak, van de schoorsteenvegertjes die op hun achtste al uitgeteerd met pensioen gingen tot hoertjes met dodelijke geslachtsziekten.

'In elk gezicht zie ik sporen van zwakte en van smart. In elke gil van ieder mens, in de angstschreeuw van ieder kind, in elke stem, in elk verbod, hoor ik mensbedachte boeien,' staat in zijn beroemde Songs of Experience te lezen.

Als jongetje kreeg hij ook zijn eerste visioenen. Zo zag hij het gezicht van God boven de Thames hangen en zag hij in een boom tegenover zijn geboortehuis een stel engelen zitten.

Broad Street heet nu Broadwick Street. Blakes geboortehuis is in de jaren zeventig van de vorige eeuw gesloopt om plaats te maken voor een oerlelijk bruin flatgebouw. In plaats van engelen wonen er tegenwoordig veel jonge kunstenaars in de straat, die hun werk exposeren in de voormalige arbeiderswoningen.

 

De wijk Soho heeft niets van zijn volkse aard verloren. Het is een entertainmentwijk waar je terecht kunt voor musicals, seksshows en goedkoop Chinees eten. Tussen de schreeuwende reclameborden en overvolle terrasjes vind je er ook The National Portret Gallery. Naast vooraanstaande Britten hangen er verschillende portretten van Blake, waaraan je kunt zien dat hij inderdaad een different face had.

Tekenen in Westminster Abbey

Mooi of niet mooi; talent had Blake wel. Op veertienjarige leeftijd ging hij in de leer bij de graveur James Basire. Die liet hem elke dag schetsen maken in Westminster Abbey, de in gotische stijl opgetrokken kerk waar al vanaf de elfde eeuw de kroningen en begrafenissen het Britse vorstenhuis plaatsvinden.

Blake tekende bij voorkeur in de ochtend, zodat hij er het rijk alleen had, op enkele geesten van monniken na, die alleen hij zag. Hij ging helemaal op in de schoonheid van de abdij, beklom zelfs de graftombes om de houtsneden beter te kunnen natekenen. De gotische stijl maakte hij zich eigen in een tijd dat niemand ernaar omkeek.

De enigen die hem soms stoorden, waren scholieren van het aangrenzende Westminster college. Blake joeg ze weg als ze weer eens verstoppertje speelden tussen de koningsgraven of hun naam in de houten kroningstroon krasten.

De kroningstroon staat er nog, nu buiten bereik van zakmessen, maar dichtbij genoeg om de namen van de kwajongens erin te kunnen lezen. Op de graven klimmen is er ook niet meer bij; de beveiliging is erg streng. Wel kun je op aanvraag met houtskool en een overtrekpapier de graven overtrekken.

In Poets Corner, waar Britse dichters worden geëerd, hangt tegen een pilaar een buste van Blake die zijn rare voorkomen eer aandoet. Terwijl je tussen drommen mensen doorschuift, kun je opeens een belletje horen, waarna een plechtige stem om een minuut stilte vraagt. Toeristentrekpleister of niet; dit blijft een heilig huis.

De magische sfeer waarop Blake verliefd werd, hangt er nog steeds. Vooral wanneer de engelachtige jongenstemmen van het beroemde Westminster College Choir door de eeuwenoude kathedraal galmen.

Huis van Blake

Het enige huis waar Blake woonde en werkte dat nog overeind staat, bevindt zich in het winkelhart van Londen. De straten puilen daar uit met een duizendkoppige shoppende meute die niets liever doet dan geld uitgeven. In South Moltonstreet, een zijstraat van hoofdader Bondstreet, staat het huis van William Blake op nr. 17.

Tegenwoordig kost een stoeptegel grond in deze straat meer dan een miljoen pond maar in de tijd van Blake was dit een arme wijk. Niet dat hij daarmee zat; voor hem telde maar één ding: betekenisvolle kunst maken tot hij erbij neerviel.

Blake probeerde de kost te verdienen als graveerder. De avonduren besteedde hij aan het maken van eigen werk. 'Erkenning en genialiteit is alles wat ik me wens, en de goden vraag ik niet meer,' zei hij. Zijn gotische stijl was echter niet commercieel en hij leefde in diepe armoede.

Het feit dat je hier tegenwoordig twaalf gratis kranten in je handen geduwd krijgt, zou hij afschuwelijk hebben gevonden. Blake verzette zich namelijk tegen de opkomst van de massamedia, goedkope drukwerken die met weinig liefde en fantasie in elkaar waren gezet.

Hij maakte zijn eigen boekjes in reliëfdruk, waarna hij de afdrukken met de hand inkleurde. Een monnikenwerk, maar ieder Blake boekje was een uniek exemplaar vol visionaire poëzie en mysterieuze afbeeldingen.

'Het geschenk dat Blake ons wil geven, is niet gemakkelijk. En mensen houden nu eenmaal van gemakkelijk,' zegt een oude hippie met een grijs staartje die de voordeur van Blakes huis uitstapt.

Tim Heath is voorzitter van The Blake Society, die op de zolder is gevestigd. Het is een club die dagelijks in het huis Blakes gedichten voordraagt. 'Juist nu is er enorme behoefte aan Blake,' meent Tim.  'Hij staat voor puurheid en eigenheid in een tijd waarin leegte niet gevuld werd met fantasie maar met consumeren.'

Schatkamer

De beste plek om Blakes werk te bekijken is in de nationale schatkamer van Engeland, het British Museum. Na een telefonische afspraak en het tonen van je paspoort is het voor iedereen mogelijk achter de schermen van deze instelling een bezoekje te brengen.

Aan met vilt bedekte tafels van de bibliotheek krijg je de losse schetsen, etsen en boeken voorgeschoteld door een plechtig kijkende bibliothecaris. Alleen met witte handschoentjes à la Boudewijn Büch mag je de schatten doorbladeren. Zoals Jerusalem, zijn rijk geïllustreerde ode aan Londen, tegenwoordig beter bekend als voetballied. De Engelse regering denkt er serieus over dit tot volkslied te verheffen.

Maar er valt ook veel te lachen met Blake, getuige zijn tekeningen van copulerende engelen of de zeeheld Nelson die hij afbeeldde met een enorme erectie.

Met zijn originele werk binnen handbereik kun je hem pas echt waarderen. Zijn werk staat vol vreemde illustraties en explosieve ideeën. Zo was het zijn overtuiging dat alle godsdiensten één zijn - een idee dat nu nog steeds gevaarlijk is.

Graf van Blake

Blake stierf in 1827 na een zeer productief, maar weinig succesvol leven. Hij werd begraven op Bunhill Fields City Road 38, waar de armen in grote massagraven werden gedumpt. Nu is het een gezellig, goed onderhouden kerkhof te midden van hypermoderne woonblokken. Veel Londenaren komen hier om even op adem te komen.

Te midden van de gotische grafstenen met bijbehorende grimlachende schedels staan houten bankjes waar kantoormensen rustig hun lunchpakketje opeten.

Het graf van Blake was eeuwenlang zoek. De stichting Vrienden van William Blake bracht daarom geld bij elkaar om de exacte locatie van zijn laatste rustplaats te kunnen vaststellen. En zo is meer dan 250 jaar na zijn geboorte dan eindelijk een eenvoudig monument voor Blake verrezen.

De kleine grafsteen staat naast een enorme pilaar ter herinnering aan Daniel Defoe, de schrijver van Robinson Crusoe. Blake blijkt echter populairder; vele literaire toeristen komen hierheen om bloemen neer te leggen en nog eens één van zijn gedichtenbundels open te slaan, om hem te laten weten dat hij niet vergeten is.

Zelf Blake achterna

www.visitbritain.com

www.visitlondon.com

David Bronkhorst  is freelance reisjournalist, fotograaf, blogger en schrijver. Hij doorkruiste de Negev woestijn op een ezel en schreef een roman over zijn beroemde circusfamilie  (Het geheim van Carré bij AtlasContact). Hij publiceerde in onder meer Het Parool, Metro en Leven in Frankrijk.

 

 

 

 

Google+