Literair Paspoort Stefan Popa

popa-pasfotoreal.jpg

Naam:                   Popa

Voornaam:            Stefan

Nationaliteit:         Nederlands

Geboorteplaats:   Vleuten

Geslacht:               Man

Sterrenbeeld:        Ik ben op een grensdag geboren. Het ene tijdschrift noemt mij Steenbok, het andere Waterman. 

Lengte:                   1.87

Kleur ogen:            Groen

Beroep:                  Schrijver en freelance journalist

 Wat is uw huidige gemoedstoestand?

Gematigd passief. Mijn debuutroman Verdwenen grenzen verscheen in februari en is nu somewhere out there. De besprekingen zijn achter de rug. Het is nu aan de lezers om er iets van te vinden en het boek aan te raden aan vrienden en familie – of niet. Kortom, mijn taak zit erop. Ik voel me over. 

Waarover gaat het laatste boek dat u schreef?

Verdwenen grenzen is het eerste en tegelijkertijd meest recente boek dat ik heb geschreven. De roman start in de jaren ’80 van Roemenië. Ceaușescu tiranniseert het land en zijn regime wordt met de dag verschrikkelijker. In die kilte worden twee tieners, Florica en Remus, door de liefde aan elkaar verbonden. Zij behoort tot een extreem traditionele Romafamilie, hij is wees, woont bij zijn grootmoeder en droomt van een gewichtig dichterschap. Beiden hebben dromen die de landsgrenzen van communistisch Roemenië overschrijden. Eenmaal gevlucht naar het kapseizende Europa ondervinden ze dat vrijheid een relatief begrip is. 

Welke plek op de wereld heeft u en uw werk het meest beïnvloed?

Ons eigen Nederland, natuurlijk. Hoewel ik vaak hoor en teruglees dat mijn schrijfstijl on-Nederlands is – hierbij protesteer ik tegen de gedachte dat er één Nederlandse schrijfstijl bestaat –, heeft mijn geboorteland mij ontegenzeglijk gevormd als schrijver. Alleen de taal al, het Nederlands, mijn geliefde instrument.

In Verdwenen grenzen reist de lezer door Europa. Veel van de plekken die ik beschrijf zijn voor mij speciaal (Florence, mijn stad) en Roemenië natuurlijk in het bijzonder. Mijn vader is daar geboren en ik heb mijn debuutroman gebruikt om meer te weten te komen over mijn Roemeense wortels. Samengevat kun je stellen dat ik mijn debuut niet had kunnen schrijven zonder de taal van mijn geboorteland en de verzengende nieuwsgierigheid naar de andere helft van mijn afkomst, Roemenië. 

Wie zijn uw (literaire) helden?

Helden, helden. Ik ben zeer kritisch op verafgoding, maar de volgende schrijvers bewonder ik zeer en hebben invloed uitgeoefend op mijn eigen werk: Gabriel García Márquez, Alexandre Dumas, Roald Dahl, Miguel de Cervantes, Hubert Lampo, Martin Amis, Tolkien, Hertha Müller, Umberto Eco, Remco Campert, Vladimir Nabokov. 

Welke schrijver of welk boek wilt u nog eens nareizen?

Ik heb in Havana, Cuba, met Ernest Hemingway aan de bar gezeten. Een bronzen versie natuurlijk, die in het café was neergezet om de toeristen te plezieren. Ik kon het niet laten om de beste man een schouderklopje te geven. Een selfie met hem wist ik te weerstaan.

Tijdens de Boekenweek heb ik ergens een dubbelinterview gelezen met Abdelkader Benali en Tommy Wieringa. De twee maakten een duidelijk onderscheid tussen reizigers en toeristen. De één reist om zijn of haar hoofd te vullen, de ander om het hoofd te legen. Een reusachtig verschil.

Ik ben, vrees ik, een toerist gehuld als reiziger. 

Welke boeken leest u het liefst op reis?

Goede boeken. Ik heb niet een vastomlijnd idee van een reis- of vakantieboek. Meestal gaan er drie of vier boeken mee. Ik kan wel opsommen welke titels ik bewaar voor de aankomende reis? Gesprek in De Kathedraal van Mario Vargas Llosa, Vallende ouders van A.F.Th. Van der Heijden, De Officier van Robert Harris en als back-up Lolita van Nabokov (het herlezen waard, me dunkt). Met een beetje geluk passen er nog een paar onderbroeken in mijn koffer. 

Wat neemt u altijd mee in uw koffer?

Het sleuteltje van het hangslot dat bij mijn koffer hoorde. Het slot zelf ben ik allang verloren, volgens mij in Praag, maar de sleutel zit nog veilig opgeborgen achter een ritsje. 

Wat is uw ergste reiservaring?

In Egypte heeft een afgeleefde ober gedreigd mij te vermoorden, omdat hij mijn vriendin wel erg appetijtelijk vond en hij zichzelf wel als haar echtgenoot kon voorstellen. Heel amicaal allemaal. Daarna vroeg die olijke Egyptenaar of ik wat Arabische woordjes wilde herhalen waarvan ik vanzelfsprekend de betekenis niet kende. Leuk, jottem. Een walgelijke vent. 

Wat is uw devies?

Specifiek op het reizen afgestemd: vergeet vooral foto’s te maken. Mensen maken te vaak foto’s. Als er een overstekende eekhoorn loopt, kun je meerdere dingen doen. Of je neemt vlug een foto en hoopt dat je het beest op beeld kunt vangen (leuk voor op je Facebook!) of je kijkt naar het dier en slaat de herinnering op in je hoofd. Zelf laat ik het liefst de fotocamera thuis. Op reis wil ik graag zien. Ervaren.

Google+