Het Amiens van Jules Verne

De naam Jules Verne is onlosmakelijk verbonden met Amiens. In de Noord-Franse stad zijn nog veel plekken te zien die zijn verbonden aan de oervader van de science-fiction.

In de middeleeuwen werd Amiens schatrijk met een bloempje. De stad werd namelijk omringd door velden met kruisbloemen, en daar kan je een diepe kleur blauw uit winnen. Met Engelse wol maakten de lakenhandelaren de mooiste stoffen. Het velours, brocade en tuile van Amiens werd gedragen door koningen en keizers over heel Europa.

De textielbaronnen van Amiens hadden zo veel geld dat ze in de twaalfde en dertiende eeuw het ene na het andere protserige huis lieten bouwen om elkaar de loef af te steken. Maar ze hadden ook een gezamenlijke droom. Midden in de stad lieten ze de grootste gotische kathedraal van Frankrijk verrijzen, hoger Parijs en zelfs Reims, waar de Franse koningen gezalfd werden.

Ook nu nog torent de kathedraal boven alles in de stad uit. Als je de kerk binnenloopt merk je ook meteen: dit is inderdaad nog net even groter en hoger dan de Notre Dame. Dan alle kathedralen, eigenlijk. “The sky is the limit, dat typeert wel een beetje de volksaard van de Amienois", vertelt Verne-kenner Josette Guyot, terwijl we met stijve nek het enorme middenschip van de kathedraal bewonderen. "En zeker ook onze beroemdste inwoner, Jules Verne.”

Jules Verne in Amiens

Jules Verne (Felix Nadar)

Jules Verne (Felix Nadar)

Jules Verne werd in 1828 geboren in Nantes (Bretagne). Na wat omzwervingen door Frankrijk streek hij neer in Amiens. Het was een tijd van ontdekkingen in de wetenschap, van spannende kunst en grote bouwprojecten. Amiens deed daar volop aan mee, dus de schrijver voelde zich hier helemaal thuis. Net zoals hij in zijn boeken de moderne tijd omhelsde, wilde Verne ook Amiens opnemen in de vaart der volkeren.

“In het Belle Epoque was Amiens rijker en ambitieuzer dan ooit”, vertelt Guyot verder terwijl we de oude binnenstad in lopen. “Er stonden veel textielfabrieken en de textielbaronnen wilden van hun stad de mooiste van het land maken.” Verne was tegen die tijd al een bekende schrijver. Hij zat goed bij kas.

Als deel van de rijke bourgeoisie raakte hij nauw betrokken bij het reilen en zeilen van Amiens. Hij zat in de gemeenteraad en was toezichthouder bij banken. Zoals een spaarbank in de Rue de la République, die er nog steeds staat. “Kijk, op de gevel beitelden ze hun vermogen: 20 miljoen franc”, wijst Guyot. “Ze waren niet bang om te laten zien hoeveel ze in huis hadden.”

Jules-Verne-06.jpg

Even verderop staat een ander gebouw waar Verne zijn stempel op drukte: het Musée de Picardie, het museum van de regio Picardië. “Net als zijn tijdgenoten vond Verne dat een beetje stad een goed kunstmuseum moest hebben. Ter verheffing van de bevolking.”

Amiens was de rest van het land hiermee ver voor, want het is het eerste kunstmuseum in Frankrijk dat voor dit doel werd ontworpen en gebouwd. “Je hebt natuurlijk het Louvre”, geeft Guyot toe, “maar dat was oorspronkelijk een paleis.” De hoofdgalerij in het midden van het museum werd ontworpen met kathedraal-effect. Door het hoge plafond en de neoclassicistische doeken van tien bij tien meter kijk je automatisch omhoog, de hemel in.

Pal naast het museum ligt de stadsbibliotheek. Verne kwam hier vaak bladeren in encyclopedieën, om te controleren of zijn verhalen wetenschappelijk onderbouwd waren. Ook nam hij hier dagelijks de kranten door voor nieuwe ideeën. Interessante artikelen knipte hij uit. Thuis categoriseerde hij de nieuwtjes in een kaartenbak. In de bibliotheek gelden ouderwets strenge regels: geen gepraat. “We moeten stil zijn, anders worden we eruit geknikkerd”, fluistert Guyot terwijl de bibliothecaresse ons streng over haar bril aankijkt.

Verne was ook dol op het circus. Aan het eind van de Rue de la République ligt het Cirque Jules Verne, een rond stenen gebouw waar Verne aan de grondslag lag. Ook dit circustheater was zijn tijd vooruit. Voor die tijd werden gebouwen ontworpen voor een enkel doel. Maar het Cirque Jules Verne werd gebouwd voor een compleet avondje uit, met brasseries voor een snelle hap. Ook was het groter dan andere circusgebouwen: het bood plek aan voorstellingen met 33 paarden tegelijk. “Paardenshows waren de hit van die tijd”, aldus Guyot, “dus met dit circus zette Amiens zich echt op de kaart.”

Even verderop, vlakbij het station, ligt Verne’s huis.

Verne stierf op het hoogtepunt van het nieuwe Amiens, in 1905. Nog geen tien jaar later brak de Eerste Wereldoorlog uit en spatte de grote droom van vooruitgang door wetenschap uiteen. Dankzij moderne techniek werd oorlog een gemechaniseerde gehaktmolen, met tientallen miljoenen slachtoffers. Amiens werd een frontstad. Op een steenworp afstand werden de bloedige veldslagen aan de Somme uitgevochten. Zestig procent van de stad werd verwoest.

Als door een wonder overleefde de kathedraal de beschietingen. De kwetsbare beelden werden ingepakt in stapels zandzakken, 60.000 in totaal. Aan de pilaren hangen gedenktekens van Australische, Nieuw-Zeelandse en Canadese troepen die in de buurt vochten. Ze worden nog steeds herinnerd: vaak hebben nabestaanden er een kaartje onder gehangen. Met een plastic klaproos er bij, het symbool van het nutteloze bloedvergieten. In de Tweede Wereldoorlog werd nog eens meer dan de helft van Amiens beschadigd. Zo ook de bibliotheek, waar de kogelgaten in de buitenmuren duidelijk te zien zijn.

Verne maakte dat gelukkig allemaal niet mee. Hij ligt begraven op de cimetière Madeleine, tussen de andere de 19de eeuwse rijke burgers. Er staan mausolea met de vormen van kathedralen en paleizen. “Net als in het leven wedijverden de negentiende-eeuwse bourgeois ook in de dood”, vertelt Guyot. Maar de graven liggen er nu vervallen bij, overwoekerd door klimop. De namen zijn nauwelijks leesbaar achter een laag mos. Alleen de tombe van Verne is fris en opgeruimd. Het is er druk met kinderen.

Na de oorlogen stierf de textielindustrie een snelle dood. Amiens werd bekend als het ‘Timboektoe van Frankrijk’, een straatarme stad waar je weg moest wezen. Pas sinds een jaar of twintig gaat het beter. Er zijn een paar universiteiten en de studenten brengen leven in de brouwerij. Daarnaast werden beschadigde gebouwen gerenoveerd, vervallen buurten opgeknapt en de gaten gevuld.

De leukste buurt is nu Saint-Leu, aan de oevers van de Somme. De scheve middeleeuwse huisjes zien er super-pittoresk uit en daarboven torent de trotse kathedraal. Zelfs Chinese toeristen op crash-tour door Europa maken inmiddels een omweg voor het romantische plaatje.

“Ik geloof dat Amiens weer een goede tijd tegemoet gaat”, zegt Guyot. “In onze geschiedenis zijn we zes keer verwoest. En elke keer hebben we de stad mooier opgebouwd. The sky is the limit.”

Zelf Jules Verne achterna in Amiens

  • Toeristische weetjes over Amiens vind je op: www.amiens-tourisme.com
  • Voor meer info over de regio Picardie: www.picardietourisme.com
  • Het toerismebureau heeft een gratis, Nederlandstalig glossy magazine met reistips over deze mooie regio: Esprit de Picardie. In het volgende nummer besteedt een Brusselse striptekenaar aandacht aan het huis van Jules Verne.
  • Een leuke Bed & Breakfast voor je trip naar Amiens is La Cour 26. Het chambre d'hotes wordt gerund door twee super aardige Parisiens die de drukte van de hoofdstad hebben verruild voor het meer gemoedelijke Amiens. La Cour 26 is gevestigd in een 19de eeuws herenhuis, op twee minuten lopen van zowel het treinstation als het Maison Jules Verne. De designkamers zijn ruim en stil.
  • Eten in Amiens doe je naast het station in La Brasserie Jules. Deze brasserie is ingericht met schilderingen van de verhalen van Verne. Het eten is lekker, niet duur en staat supersnel op tafel.
  • Alle info netjes bij elkaar: www.France.fr  

Jan Hazevoet is wereldreiziger/journalist/fotograaf. Hij reisde naar meer dan honderdenveertig landen, trok heel Europa door op zoek naar Romeinse slagvelden en vocht tegen draken op de Galapagoseilanden . Hij woont momenteel in Amsterdam met kat (Nero) en vrouw (Moppie).

 

Google+